25/06/2018
Schoenen

lopen met tal #1: in de spiegel

in de spiegel

Het was een moeilijke avond/nacht, vorige week zaterdag. Over het hoe en waarom is dit plaats noch moment. Maar het was de volgende ochtend reden om eens lang en goed in de spiegel te kijken. En niet alleen in de ogen. De “love handles” (oh, de ironie) beginnen steeds meer weg te hebben van een buikje. Ik heb een Louis van Gaal onderkin. Mijn bovenlichaam is wat lobberig. Daarnaast is mijn conditie bepaald niet denderend.

Dat is allemaal niet van de één op andere dag zo geworden. Als ik er oude foto’s bij pak, dan is het een jaar of twaalf terug begonnen. Voor elk jaar zeker een kilo. In die eerste jaren was het -door toegenomen fysieke arbeid- met name spiermassa. Maar die fysieke arbeid heeft in de laatste zes of zo jaar plaatsgemaakt voor veelal zittend werk. En van het sporten zijn wij Adriaanses niet echt.

Ik weeg nu 77,5 kilo. Mijn BMI is 24,3. ‘Er mag wat af, maar prima in orde’, zei de huisarts. Ik vind dat buikje en die dikke nek net iets te. En ik voel me wat pafferig. Dus minder pasta, rijst en aardappelen, minder vlees, en meer vis, meer groenten en meer vezels op het bord. Al blijft het moeilijk door te dringen tot de kok.

Mijn grootste zonde is het dagelijkse potje bier aan het eind van de avond. Dat is er ooit eens ingeslopen. Ik vind het lekker. Het helpt me om ontspannen de ogen te sluiten. En het is gewoonte geworden. Maar ja, niet goed.

Sunday 9:00am. I mean, seriously? Now on 30 minutes 2/1 interval schedule. #asmallstepformanagiantleapfortal

Een bericht gedeeld door Antal Adriaanse (@antaladriaanse) op

Ik wandel. Af en toe. Ik fiets. Af en toe. En dat is het wel zo ongeveer. Die tienduizend stappen, die haal ik niet. Volgens de huisarts is dat -‘voor iemand van uw leeftijd’- niet per se nodig. Een keer of vier, vijf per week een half uur flink doorstappen, dat doet al een boel goeds. En die andere lichaamsbeweging is ook gezond, zei ze, met een knipoog. Tja. Single. En vrij hardnekkig. Dus wat lastig.

Probleem is dat ik geen regelmaat ken. Dus waar een ander bijvoorbeeld dagelijks na de lunch een blokje om zou gaan, hangt dat bij mij af van zin, tijd en weer. En dan komt het er te vaak niet van. Dat geldt voor wandelen. Dat geldt voor fietsen.

Bovendien heb ik altijd moeite gehad met rondjes. Een rondje wandelen. Rondje fietsen. Rondje autorijden. In mijn systeem zit dat je altijd van A naar B gaat. Een doel. Een bestemming. Anders kun je net zo goed thuisblijven. Dat idee loslaten is moeilijk. En ik weet het, het is niet de bestemming maar de reis waar het in het leven om draait (Confucius? Boeddha?). Het lukt me de laatste jaren beter. Maar het blijft iets lastigs.

Terug naar de spiegel. Algehele gezondheid is dus in orde. Gewicht in principe ook. Maar dat uitdijen, dat bevalt me niet. En ik moet iets aan mijn conditie gaan doen.

Dus heb ik een trainingsschema voor beginnende hardlopers gedownload, mijn renschoenen uit het vet gehaald, en een interval-appje op de iPhone gezet. Afgelopen maandag ben ik begonnen met hardlopen.

lopen met tal

Dat trainingsschema is zo opgezet dat zowel longen en hart als spieren en gewrichten volgens de weg der geleidelijk worden getraind. Man, dat gaat traag. Beginnen met acht minuten hardlopen (1/1/2/1/1/2 minuten), na elke interval drie minuten wandelen, om de dag trainen, etc. En dat heel langzaam opbouwen. Het zal zeker verantwoord zijn. Maar zolang ik geen bloed ophoest, zwart voor de ogen zie, een tintelend gevoel in mijn linkerarm voel, of last van gewrichten en spieren krijg, ga ik met een iets intensiever intervalschema van start.

Dus heb ik na de eerste training het schema aangepast. Ik begin -na een korte rek en strek- met een minuut doorwandelen. Vervolgens een aantal cycli van hardlopen en wandelen. En daarna twee minuten cool down.

Inmiddels heb ik vijf trainingssessies achter de rug. Na twee dagen een dag rust. Ik ben begonnen met 6x 1HL/1WL (een minuut hardlopen/een minuut wandelen). Daarna 7x 1½HL/1WL. En nu 6x 2HL/1WL. Morgen nog een keer 6x 2HL/1WL. En dan weer een halve minuut erbij. Dat gedurende ongeveer twintig à vijfentwintig minuten.

En het gaat aardig. Qua lucht happen valt het me niet tegen. Ik kan het hebben. Ik ben niet snel, de stappen zijn niet groot, maar ik heb een redelijk ritme gevonden en ik kan praten tijdens het lopen (dat schijnt belangrijk te zijn). Mijn spieren, met name mijn kuitspieren, protesteren licht. Het ziet er wat sullig uit. Soit.

Mijn eerste streven is om vijftien minuten aan één stuk te kunnen hardlopen. Daarna twintig en uiteindelijk dertig minuten. Nee, wacht, ik zeg het fout. Mijn eerste streven is om het vol te houden. Mijn tweede streven is die vijftien, twintig en dertig minuten. En als de stappen en de afstand dan nog iets groter kunnen worden is dat meegenomen. Dat laatste is geen doel op zich. Maar als we toch bezig zijn…

Op naar week 2!

Volhouden…

Volhouden…


Lopen Met Tal:
Week 1 – lopen met tal #1: de spiegel
Week 2 – lopen met tal #2: doelen stellen